
Met dit derde deel uit de serie ‘De hulp’ zijn er ongeveer twaalf jaar verstreken. Millie is getrouwd, ze heeft twee kinderen. Met haar gezin verhuist ze naar een eigen huis in een rustige buurt. Snel komt ze erachter dat roddel en achterklap de dienst uitmaken en dat haar buren niet zo sympathiek zijn als ze hoopte.
Na een heel intrigerende proloog start het boek met deel I, waarin Millie haar verhaal doet.
In De hulp ziet alles werkt Millie niet zelf meer als hulp in de huishouding, maar heeft ze zelf iemand die haar huis schoonmaakt. Ze heeft echter onaangename gevoelens bij deze vrouw en ze vertrouwt haar net zo min als haar nieuwe buren. Millie is in eerste instantie erg gelukkig met haar nieuwe leven, totdat haar man Enzo en haart zoontje ineens heel onverklaarbaar gedrag beginnen te vertonen en zij niet goed weet wie ze nog kan vertrouwen.
Millies groeiende onrust vermengt zich met angst om haar kinderen. Door Enzo’s veranderende gedrag begint ze zich heel eenzaam te voelen. De kwaadaardige buren en haar ijzige, robotachtige hulp maken het er niet beter op. De auteur dringt hier ver in Millies innerlijke leven, maar toont ook haar niet aflatende kracht om eruit te willen komen.
Freida McFadden heeft een levendige, losse stijl van schrijven, waarin ze zich vaak rechtstreeks richt tot haar lezer. Het is ook een stijl die hier en daar naar het kinderlijke neigt en soms een beetje flauw is. Dat begint op den duur behoorlijk te irriteren. Haar boeken zijn dan ook niet diepgaand of literair, maar ondanks dat wel heel onderhoudend.
Net als het tweede boek hetzelfde stramien had als het eerste en ook inhoudelijk erop leek, is ook De hulp ziet alles daarin weer net als zijn twee voorgangers. De plotwending is echter heel onverwacht. En hierbij blijft het niet, want daarna verrast McFeddan haar lezer nog met enkele zeer onthutsende twists die de lezer met open mond achterlaten.
Freida McFeddan is zeer goed in staat om een onderhoudende thriller te schrijven. Als ze het bij eentje gelaten had, zou dat een heel uniek, goed opgebouwd en mooi uitgewerkt boek zijn geweest. Met drie delen die zo op elkaar lijken doet ze dat effect helaas teniet.
VBKLab 2024
366 pagina’s