
Matthew (M.J.) Arlidge schreef scenario’s voor Britse crimeseries. Zijn thrillerdebuut ‘Iene miene mutte‘ (2012) met de intrigerende inspecteur Helen Grace werd gelijk een wereldwijd succes. De meeste titels van zijn thrillers verwijzen naar kinderliedjes. Waar de eerste twaalf zich afspeelden in de wereld van gewone burgers in Southampton, hebben latere boeken een heel ander karakter als de auteur hedendaagse maatschappelijke problemen en harde criminaliteit erbij betrekt, zoals mensenhandel en drugs. Ook maakt hij Helen Grace steeds meer een hoofdpersonage, waar de moorden om draaien en waarbij steeds meer van haar innerlijke leven, haar onzekerheden en kwetsbaarheid zichtbaar worden. Uit de as is het het vijftiende deel in de serie.
Arlidge houdt niet van lange voorbeschouwingen. Deze thriller is het directe vervolg op Door het vuur, en handelt slechts een week na het drama in Southampton. Meer dan wat subtiele verwijzingen naar wat voorafging krijgt de lezer niet, net genoeg om de draad op te pakken als hij het eerdere boek niet gelezen heeft.
Helen moet haar weg vinden in Rotterdam, op jacht naar de crimineel die haar collega en vriendin Charlie levensgevaarlijk verwond heeft. Ze is niet in haar vertrouwde omgeving en dit creëert een heel andere sfeer. Overigens verdient de auteur hulde voor zijn kennis over Rotterdam, alles komt daardoor heel geloofwaardig over. Stroeve samenwerking door tegenstrijdige belangen met de Rotterdamse politie werkt niet echt mee om tot resultaten te komen. Van de onverwachte aanwezigheid van journalist Emilia probeert Helen het beste te maken. Zijzelf is ook niet de gemakkelijkste in de omgang, de lezer zal regelmatig met kromme tenen haar acties volgen, maar tegelijkertijd geven die een enorme schwung aan het verhaal. Helen staat onder enorme druk, ze weet dat falen haar haar baan zal kosten. Maar ze heeft zich tot taak gesteld om de voortvluchtige te vangen.
Uit de as begint met een brief, gericht aan Nederlandse en Belgische lezers. De lezer zit meteen in het verhaal, de actie begint gelijk, waarbij de auteur plastische details niet schuwt. Het verhaal heeft onmiddellijk een hoog tempo, korte hoofdstukken zorgen ervoor dat dit nergens verslapt.
Arlidge beschrijvingen en gedachtenspiegelingen kunnen pagina’s lang zijn. Ondanks dat schrijft hij meeslepend. Zijn taalgebruik is dan misschien niet heel literair, maar er is spanning te over, gebeurtenissen wisselen elkaar in hoog tempo af.
Expliciete omschrijvingen van grof geweld zijn hem niet vreemd, de lezer met een sterke maag is in het voordeel. Daarentegen heeft de auteur minder aandacht voor de fysieke verschijning van zijn personages, meer voor hun karakter en emoties en relaties tot elkaar.
Uit de as is verteld vanuit verschillende perspectieven. Vanaf het begin is helder wie wat gedaan heeft, maar de spanning zit in de jacht zelf. De lezer leeft enorm mee met Helen en het gevaar waarin ze verkeert, dat ze zelf opzoekt vanuit haar grote gevoel voor rechtvaardigheid.
Het is een meeslepende, tergende thriller, het hele verhaal is een rollercoaster, met ijselijke wendingen en ook nog een verrassende plot die iets kan betekenen voor ontwikkeling in eventuele volgende delen.
Boekerij 2026
464 pagina’s