11 november 2019

Wonderlijk. Dit is mijn eerste indruk van het boek. De lange, poëtische zinnen geven het een sprookjesachtig, mysterieus tintje. De sfeer is onmiddellijk neergezet.
Het verhaal lijkt tijdloos, of los van de tijd. Ik zou niet verbaasd zijn geweest met een begin als ‘Er was eens…..’
Ik heet Ruby. Ik woon bij Barbara en Mick. Zij zijn niet mijn echte ouders, maar ze vertellen hoe ik me moet gedragen en wat ik moet zeggen. Ik moet zeggen dat mijn blauwe oog en de blauwe plekken op mijn armen zijn veroorzaakt door een val van de trap. Maar er zijn dingen die ik niet zal zeggen. Ik ga ze niet vertellen dat ik op zoek ga naar mijn echte ouders.
Op Ruby’s dertiende verjaardag komt haar wens uit. Het echtpaar dat haar opvoedt blijken niet haar echte ouders te zijn. Dat betekent dat haar echte vader en moeder ergens anders zijn, en Ruby besluit dat ze niet zal rusten voor ze hen heeft gevonden. Ze loopt weg, het bos in, met alleen een koffer in haar hand. Als ze een stel andere kinderen ontmoet, broertjes en zusjes die alleen in het bos lijken te wonen, sluit Ruby zich bij hen aan.
Maar is Ruby wel veilig? Wat is waarheid, en wat niet? Wie probeert haar echt te helpen – en wie is gevaarlijker dan ze ooit voor mogelijk had gehouden?
Ruby’s zwakke adoptiemoeder Barbara is niet opgewassen tegen haar gewelddadige echtgenoot Mick, die zijn geadopteerde dochter regelmatig in elkaar slaat. Ruby is zelf aan het woord, in hoofdstukken in de ik-vorm. Ze vertel zodanig alsof het lijkt alsof Mick Ruby niet écht kan raken. Ze beschrijft zijn daden in de prachtigste metaforen, alsof ze erboven staat. Afstandelijk. Ze doet me een beetje denken aan Luna Lovegood, een enigszins bevreemdende, mysterieuze, spirituele personage in de Harry Potter-boeken.
De sfeer is onheilspellend, indringend, macaber. Ruby ziet dingen die anderen niet zien. Als leer vraag ik me voortdurend af wat werkelijk is en wat niet.
We lezen ook de geschiedenis van Ruby’s echte moeder Anna en daarnaast is ook nog ‘Schaduw’ aan het woord, een van de schimmen die alleen Ruby altijd ziet.
Een bijzonder boek. Wonderlijk, inderdaad. Geen echte thriller, en zeker ook niet een dertien-in-en-dozijn-boek. Heel mooi.
En verrassend.
De Boekerij, 2019
358 pagina’s